Superpositie

zouden we in tekens zijn gaan denken
als niemand er over had gesproken
wie heeft ze ooit zien vliegen
welke magiƫr is ermee beginnen strooien
wanneer heeft god voor het eerst
over zichzelf als God gedacht

niet alles wat in het donker blinkt is een ster
meer dan twaalfduizend satellieten weerkaatsen
alles wat we kunnen weten, alles
wat we willen van meer
moet nog hoger hangen

halfom de bol loopt een wisselspeler
het veld op en wijst naar zijn overleden moeder
haar ziel zweeft in mijn beneden
maar hij blijft in de hemel geloven

zelfs een wolf jankt met de muil omhoog

geen satelliet die weet of ook de dieren hopen
een puntje te worden wanneer we niet meer blinken
tenzij iemand de herinnering aan ons oppoetst

en daarna