we hebben op een dag een oorlog overwonnen
het metrum van de bommen liet zich verzwijgen
een zweem van zekerheid meende zich
te kunnen vasthaken aan de waan van de dag
de straten liepen vol met een andersoortig stil
buren van buren van buren holden in horden
naar het centrale plein van de stad waar
op het middaguur met de zon loodlicht boven hem
een nieuwe leider – een klein man vond eigenlijk
iedereen – een hoed van een goochelaar tevoorschijn haalde
sommigen meenden dat de leider harry heette
en dat hij niet bepaald handig was maar
dat in zijn ogen als eerste van ons allemaal
de durf zichtbaar was geworden als een vurige tong
en dat hij die aan frauke en mino had doorgegeven
waarop die zich zo verder vogeltrippelend
doorheen cafés en wijken en zelfs de bossen
had weten te verspreiden
en in plaats van een duif haalde hij uit
de hoed een gebleekt papiertje met daarop
slechts 1 woord: vooruitgangsoptimisme
het bleek voldoende, de zweem van eerder
kreeg zwaarte, de waan werd orde, kleine kinderen
en onbevangen oudjes en iedereen daartussen
gingen weer van vertrouwen spreken
op die dag hebben we een oorlog overwonnen