Taksidermie
ik kijk naar een boomik denk geen boom te zienhoe weet ik of het een boom iswat ik zie ik voel schubbige bastin mijn verbeeldinggaan mijn vingers erdoorheenen stellen ze vast hoe dit wezenfeilloos de tel bijhoudt– ik moet bij…
ik kijk naar een boomik denk geen boom te zienhoe weet ik of het een boom iswat ik zie ik voel schubbige bastin mijn verbeeldinggaan mijn vingers erdoorheenen stellen ze vast hoe dit wezenfeilloos de tel bijhoudt– ik moet bij…
heel bijna was ik vergeten hoe het gingeen worm wat een wonder ding wanneer we van de groten moesten schuileneen handvol druppels bracht hen al aan het huilenkronkelde hij uit de grond in vol ornaatals de koning van een natte…
we liepen langs de kade van de rivierin wiens zoom het allemaal begon, ooitfietsten we hier de kleren uit het lijf, dachten weenkel in rechte lijnen, er lag niets in het verschietdat spaak kon lopen veel meer dan een spiekbriefje…
vast wel weet je noghoe de tijd tussen de plooien van alledagviel, wij ertussenkonden wegzinkenen elke golf een verankeringmet zich meedroeg hoe voelden wede schuimkopjes onze tenen kietelenwat werden we graagoverspoeld
we hebben op een dag een oorlog overwonnen het metrum van de bommen liet zich verzwijgeneen zweem van zekerheid meende zichte kunnen vasthaken aan de waan van de dagde straten liepen vol met een andersoortig stil buren van buren van…
hmmmja ze heeft haar intrek genomenin het uitgepuurde en wat dat dan is de naklank van een triangelde zucht van een opgeheven hiel van een ballerinahet touwtje van een vlieger losgelatendoor een kind de stroom die alles in gang zet